donderdag 16 februari 2012

Toepassingskaart 6: observaties leerprobleem (tijdsteekproef)

Observatie leerprobleem (tijdsteekproef)

1. Kies in samenspraak met je mentor een leerlingen die niet-taakgericht gedrag vertoont (kan ook gedrag zijn dat leerlingen alleen bij bepaalde lessen laat zien, bijv. tijdens de rekenlessen).

Mijn mentor en ik hebben samen gekozen om Iris te kiezen. Iris is een meisje dat snel is afgeleid tijdens het werken. Dit gebeurt vooral bij rekenen. Mijn mentor denkt dat Iris een vorm van ADHD heeft. Maar dit is niet bewezen. Het leek ons wel interessant om te kijken hoe taakgericht Iris is met rekenen. Dit is een vak waar ze vaak moeite mee heeft.

2. Bepaal zo objectief mogelijk de beginsituatie. Wat wil je m.b.t. de taakgerichtheid van de leerling veranderen? Voer een startobservatie uit. Gebruik de methodiek van de tijdsteekproef (zie instructie hieronder) en leg de uitkomst in je observatie vast.

Zie tijdsteekproef.






T = 16 --> 35%
D = 6 --> 13%
CM = 14 --> 31%
CL = 2 --> 4%
O = 7 --> 15%

3. Bedenk een aanpak waarmee je de leerling meer taakgericht kan laten werken. Begeleid gedurende minimaal aaneensluitende dagen ʻjouwʼ leerlingʼ.

Uit de tijdsteekproef blijkt dat Iris snel afgeleid is. Ik wil hier iets aan doen. Ik wil Iris taakgerichter laten werken bij het vak rekenen. Hierbij ga ik Iris begeleiden.
Ik heb afspraken met Iris gemaakt bij elke rekenles. Deze hebben we opgeschreven.
Hier een aantal afspraken die Iris en ik samen gemaakt hebben:

- We bespreken van te voren hoeveel tijd Iris nodig denkt te hebben.
- Iris werkt het beste als het stil is. Ook zit ze liever niet in een groepje, dan wordt ze te snel afgeleid.
- Iris werkt ongeveer 10 minuten aan haar taak, als ze dan niet meer geconcentreerd is, dan gaat ze even iets anders doen. Bijvoorbeeld een loopje naar de wc. Maar daarbij stoort ze geen andere kinderen. Na de pauze gaat ze weer terug aan het werk.
- Ik loop langs bij Iris om te kijken hoe het gaat met Iris.
- Als Iris iets niet snapt, dan vraagt ze dat aan mij. Maar ondertussen gaat ze wel verder met de andere opdrachten.
- Als Iris taakgericht aan het werk is, dan geef ik haar tussentijds korte informatie en waardering, over de voortgang van het werk en/of vraag ik aan Iris hoe het gaat.
- Na afloop reflecteren we samen op de rekenles. Hoe ging de les? Ik stel daarbij vragen aan Iris, zowel directief als responsief. Iris vertelt hoe het ging.
- Is aan het eind van de les het doel behaald?
- Ik ben positief naar Iris toe, zodat ze meer zelfvertrouwen krijgt.
- Aan het eind van de les tekent Iris ene gezichtje op een blad. Op het blad staat de dag, en de les wat Iris heeft gemaakt. Daarachter tekent zij dus een gezichtje, boos, blij, verdrietig. Dit geeft aan hoe Iris de les vond gaan.

4. Vervolgens herhaal je de observatie aan het eind van je begeleiding: de eindobservatie. Leg ook nu de uitkomst van je observatie vast.

Zie tijdsteekproef.





T = 25 --> 55%
D = 11 --> 24%
CM = 2 --> 4%
CL = 4 --> 9%
O = 3 --> 7%


5. Vergelijk beide observatieresultaten met elkaar om een indruk van de eventuele verandering in taakgedrag te krijgen.



Iris is meer taakgericht bezig. Ik heb nu vaker taakgericht omcirkeld. Ze is 20% taakgerichter bezig. Wel maakt Iris vaak contact met mij. Dit is iets waar we nog aan kunnen werken. Lopen doet ze ook niet vaak meer. Wel is Iris vaker aan het dagdromen, rondkijken en andere activiteiten aan het doen. Dit is toegenomen. Het lopen door de klas is een heel stuk verminderd.

6. Wat zijn je conclusies? Heeft je aanpak/begeleiding geholpen? Plaats je bevindingen in je digitale themamap.

Ik denk dat mijn aanpakt werkt. Het heeft sowieso al geholpen. Door de afspraken met Iris te maken is ze bewuster van het taakgericht werken. Contact met andere leerlingen is afgenomen. Ze overlegt wel met andere leerlingen, maar dat gaat echt over het werk. Iris heeft problemen met haar concentratie, dit is iets wat ze zelf ook zegt. Maar deze aanpak vindt Iris wel fijn, vooral het reflecteren over de les. Ze vindt het leuk om gezichtjes te tekenen. Vaak zie ik positieve smilies, soms minder positieve.
Ik geef Iris vaak complimenten als ik zie dat ze goed haar best doet.
Als ik doorga met deze aanpak, dus de afspraken volgen, dan denk ik dat Iris nog taakgerichter kan werken. De afspraken zijn een houvast voor Iris. Ze vindt dit erg fijn.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten